De cast in je verhaalwereld is altijd beperkt in omvang

Er is een rare maar ook heel interessante schijnbare paradox in de samenstelling van een verhaalwereld.

  1. Als een complexe verhaalwereld de omvang heeft van je woonkamer, wordt het verhaal snel ongeloofwaardig [1]
  2. Als het aantal spelers in je verhaalwereld te groot wordt, kan de lezer zich vaak moeilijk binden met die spelers en verliest de lezer vaak snel het overzicht [2]

[1] In een verhaalwereld ter grootte van je woonkamer, hebben de spelers (personages) vaak teveel rollen in één. Ze kennen bijvoorbeeld iedereen die nodig is, hebben alle talenten die noodzakelijk zijn om tot een oplossing te komen. Verder wordt het verhaal zo gebogen dat de hoofdpersoon toevallig net daar is waar nodig is en waardoor andere spelers net óók daar zijn waar het plot ze nodig heeft. Ik schreef daarover in deze blogpost: “Een verhaalwereld is groter dan je woonkamer”.

[2] De lezer heeft vaak een beperkte herinnering. Dus na een X-aantal gebeurtenissen begint al het voorgaande dat in jouw verhaal gebeurd is, voor de lezer te vervagen. Als die personages ook nog eens veel op elkaar lijken in hoe ze zich gedragen, in wat ze doen, en zo voorts, is het voor de lezer helemaal makkelijk om snel de draad kwijt te raken.

Expositie

Wat is het kernprobleem? Expositie. Ergens in je verhaal moet je dingen aan de lezer gaan tonen. “Dit zijn de regels van deze verhaalwereld” “Dit is de reden waarom de hoofdpersoon in deze situatie zit en deze specifieke keuzes maakt”  “Dit is het punt waar de belangen echt op gaan lopen en dingen spannend gaan worden”.

Binding met het verhaal en de personages

Die expositie is cruciaal om de lezer te binden met jouw verhaal. Als ik niet snap waarom jouw personage in bepaalde situaties bepaalde handelingen plegen en bepaalde emoties hebben, heb ik geen reden om me aan je verhaal of je personages te binden.

Dingen moeten, voor mij als lezer, een aantoonbare reden hebben binnen jouw verhaalwereld. Die reden moet mij, als lezer, op een gegeven moment helder worden.

Alwetende schrijver, versus situaties, versus verschillende gezichtspunten

Er zijn een paar manieren om die expositie voor elkaar te krijgen:

  1. Je gebruikt het gezichtspunt van de alwetende schrijver. Terwijl de hoofdpersoon voortploetert, vertel jij –de schrijver– de lezer wat er nog meer gebeurt is en wat de aanleidingen zijn en waarom je hoofdpersoon door deze situatie en deze emoties gaat
  2. Je brengt je hoofdpersoon in situaties waardoor die expositie stap voor stap plaatsvind. Zodoende beleven we die momenten en kunnen we van daaruit begrip opbouwen voor de (motivaties van) hoofdpersoon, waardoor we ons weer kunnen binden met dat personage en die situaties
  3. Je gebruikt verschillende andere personages, die allemaal een stuk van de puzzel geven. Eigenlijk is dit de alwetende schrijver, maar dan verpakt en vermomd in andere personages die ook dingen meemaken binnen dat verhaal.

Zelf doen, herinneren, bespreken of uitbesteden?

Om tot die expositie te komen, met andere woorden: om iets te tonen dat cruciaal is voor het verhaal, kun je een paar dingen doen:

  1. Het gebeurt. Eén van de personages beleeft dat cruciale stuk, is onderdeel van dat proces, of een bijstander. We beleven die gebeurtenis direct vanuit dat personage.
  2. Het wordt besproken. Iemand anders heeft het meegemaakt en vertelt erover. We beleven de gebeurtenis via de woorden van iemand anders en via de reacties van het personage dat een belangrijke rol in het verhaal speelt
  3. Het wordt herinnerd. Iemand heeft het ooit meegemaakt en herbeleeft dat moment
  4. Het wordt uitbesteed. We maken even een kort uitstapje via een bijpersonage, of naar iemand die we nog niet ontmoet hebben en mogelijk ook niet meer terug zien, maar exact op dat moment op die plek is. Via de ogen, oren en emoties van dat personage maken we dat moment of die momenten mee.

Hoe gebruik je die uitbesteding?

  1. Als toeval een te dominante factor wordt om tot expositie te komen. Je personages zijn geen supermensen. Ze kunnen niet overal aanwezig zijn. Ze gaan dingen mislopen die belangrijk zijn voor het verhaal. Gebruik voor dat soort moment andere personages. Sterker nog: koppel die verhaallijnen los van elkaar als dat mogelijk is. Personage “A” beleeft dingen die die situatie van personage “B” helemaal duidelijk maken, zonder dat “A” en “B” elkaar ooit hoeven te ontmoeten
  2. Als teveel dingen op ongeveer hetzelfde moment gebeuren.
  3. Met een scherpe focus op je kernverhaal. Waar gaat dat over? Waarom is die specifieke gebeurtenis en expositie relevant? Wat toont het over iemand anders EN in het kader van je hoofdlijnen?

Hoeveel personages zijn genoeg?

Elk verhaal heeft z’n eigen eisen. Des te meer je wilt laten zien van je verhaalwereld, des te meer personages nodig zijn.

Hoeveel is teveel?

Er zijn een paar beperkende factoren in de omvang van je cast:

  1. De lezer raakt op een gegeven moment de tel kwijt. Wie was dat ook alweer? Wat was het voorgaande dat dit personage meemaakte? Waarom was dat ook alweer relevant?
  2. In hoeveel woorden wil je je verhaal tot een conclusie laten komen? 10.000? 100.000? 1.000.000? Des te meer personages je introduceert, des te meer woorden je nodig gaat hebben om je verhaal te schrijven. Elk van die personages heeft een introductie nodig, een eigen serie van gebeurtenissen die laten zien wie dat personage is en waarom dat personage relevant is voor het verhaal.

Hoe goed ken je je archetypes?

Voor mij als lezer, zijn archetypes behulpzaam, zodat ik jouw cast makkelijk uit elkaar kan houden. Die archetypes zijn type personages die ik binnen een fractie van elkaar kan onderscheiden. “De politieagent” bijvoorbeeld. Of: “de corrupte politieagent”, of “de vrouw met één been”.

Die archetypes werken als ankers in mijn geheugen. Ze helpen me jouw personages te herinneren, zelfs als ik ze een tijd niet gelezen heb.

Op het moment dat je me vertelt dat: “de vrouw met één been” samen zit met “de corrupte agent”, ben ik er, weet ik waarschijnlijk onmiddelijk over wie je spreekt. Ik vorm onmiddellijk een beeld. Beter dan: “Annemarie (die we 100 bladzijden geleden voor het laatst zagen) dronk koffie met Joost (die samen met 5 andere personages in het vorige hoofdstuk werd getoond)”

Laat je personages meerdere rollen spelen

Je ontkomt niet aan een stuk compressie. Wat normaal gesproken 3 mensen zouden zijn in de wereld om je heen, moet je soms in één personage stoppen.

Bijvoorbeeld: “Joost, de corrupte politieagent, is ook een boekhoudkundig genie. Hij heeft conservatorium gestudeerd, maar uiteindelijk is hij daarmee gestopt.”

Beperkingen, samenwerkingen, expositie van de kern van “probleem A” via “persoon B”

  1. Zorg altijd voor een beperking. Ons eigen leven zit vol beperkingen. “Toevallig was Joost ook een geniaal boekhoudkundige, waardoor het mysterie snel werd opgelost” gaat voor mij persoonlijk bijvoorbeeld niet werken. Het is te makkelijk.
  2. Gebruik de eigenschappen van “A” voor expositie voor de delen van de andere personages in het verhaal. Bijvoorbeeld: “Annemarie, de vrouw met één been, worstelt met een boekhoudkundig probleem. Joost, de corrupte politieagent, weet de oplossing.” Of: “Joost, de corrupte politieagent, maakt iets mee waardoor we de financiële en persoonlijke situatie van Annemarie opeens haarscherp gaan begrijpen”
  3. Je kunt ervoor kiezen om personages afhankelijk van elkaar te maken, in die combinatie van talenten. Dit kan soms ontzettend goed uitpakken en drama toevoegen die je anders niet zou krijgen of vinden.
  4. Zorg altijd voor een REDEN. Laat je personages moeite doen, alsof het echte mensen zijn in de echte wereld. Toeval bestaat niet. Toeval is luiheid. Toeval is: “Ik, de schrijver, had geen zin om na te denken over dit stuk in mijn verhaal”

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s