Verhalen, schrijven wat je wilt schrijven en drie dingen die een verhaal maken

Ik denk dat de essentie van het schrijversschap is, te doen wat je graag zelf wilt doen. Zelfs als dat tegen de stroom ingaat.

In dit stuk kijk ik naar drie verschillende dingen die een verhaal vormen:

  1. Verhaal = Thema + acties + personages + structuur
  2. Verhaal = Thema + motivatie + conflict
  3. Verhaal = Expositie + expansie + contractie + conclusie

En in de vorm van een plaatje:

verhaal_3sides

Ik zie elk van deze benaderingen als een laag bovenop de andere, of een andere benadering van hetzelfde object (het verhaal) op een ander moment in mijn schrijfproces. Meestal loopt alles door elkaar en doe ik dit (zeker tijdens het schrijven) op instinct. Vak ga ik pas bij het redigeren kijken hoe alles vanuit een meer analytisch punt aan elkaar hangt.

Ik zie geen van deze lagen als een absolute waarde. Er zijn bijvoorbeeld talloze andere manieren om naar een verhaal te kijken.

Dit zijn meer notities dan iets anders.

1: Schrijf wat je wilt schrijven

Schrijven levert geen zak op. Schrijvers die kunnen leven van hun schrijven zijn zeldzaam. Werken in een patatkraam levert meer op dan een schrijfcarrière.

Meningen zijn net zo talrijk als eikels. Kritiek leveren is makkelijk. Iedereen kan kritiek leveren.

Verhalen die uit jouzelf voortkomen en jouw eigen passies weerspiegelen hebben (kortom verhalen die je wilt schrijven) vaak meer pit en meer magie dan verhalen die je schrijft om aan de verwachtingen van anderen te voldoen.

De lezer voelt vaak haarscherp of een verhaal echt uit jouzelf komt, of dat je doet alsof. Dit is niet: “schrijf je fan-fictie of niet?” of “is je werk van een bepaald literair niveau of niet” maar: “kan ik voelen en zien dat hier je hart en je ziel in zit?”

Veel schrijvers zoeken een balans tussen wat ze zelf willen schrijven en wat het publiek (of een uitgever) verwacht. Een pulp-roman kan daardoor prima heel diep ingaan op vragen over de dood, of het nut van het leven.

Als een verhaal doodloopt en moeite kost, kan dat komen doordat je niet aan het schrijven bent wat je eigenlijk zelf wilt schrijven.

Er zijn in elke maatschappij een aantal taboe-thema’s. Sommige van die taboe-thema’s zijn puur cultureel. Het taboe op seks is een voorbeeld. Andere taboes komen voort uit de consequenties van de handelingen voor de ontvangers daarvan. Het taboe op de verheerlijking van verkrachting en racisme is een voorbeeld daarvan.

Soms is datgene waarover je diep vanuit je eigen ziel wilt schrijven een taboe. Soms is het nodig en zelfs essentieel om dat taboe te doorbreken. Bijvoorbeeld omdat dat taboe als een gevangenis werkt en maatschappelijke- en persoonljjke groei tegenhoudt.

Dat taboe kan ook puur literair zijn. Bijvoorbeeld door tegen de stroom van “hoe het hoort” in te gaan. En verhalen te schrijven die bepaalde regels breken.

Het doorbreken van een taboe (door over die onderwerpen te schrijven, of die regels te breken) kan reputatieschade opleveren voor de schrijver.

2: Verhaal = thema + personages + actie + structuur

verhaal motief

Elk verhaal heeft een structuur. Die structuur wordt (voor de lezer) onder andere bepaald door:

  1. De handelingen van de karakters. Wanneer gebeurt wat? Wat wordt wel getoond en wat niet?
  2. De volgorde van die gebeurtenissen. Beginnen we bij het einde van het verhaal? Of in het midden? Of aan het begin? Zijn daarin flashbacks? Maken we sprongen in de tijd? Zin die sprongen lineair? Of springen we willekeurig door de tijdlijn?
  3. De indeling van het verhaal. Zijn er hoofdstukken? Delen? Hoe lang zijn die hoofdstukken en delen? Hoeveel zijn dat er?

Plot is een instrument waarmee die structuur scherper en beter kan worden gemaakt en waarin het thema, de personages en de gebeurtenissen mogelijk en hopelijk volledig tot hun recht gaan komen.

Voor de schrijver wordt structuur onder andere aangebracht en toegepast in:

  1. Het gebruik van bepaalde patronen of formules. “Begin, midden, einde” is een dergelijk patroon. Net als “The heroes journey”. Een formule is een hele specifieke toepassing van een dergelijk patroon. Een patroon wordt meestal vrij toegepast. Een formule heel strikt (en wordt daardoor voorspelbaar).
  2. Het plotten van een verhaal. Waarin de basale structuur van een verhaal bijvoorbeeld aan diepere inspectie wordt blootgesteld, waardoor hopelijk een beter resultaat kan worden bereikt. “Kan dat beter? Wat als ik deze gebeurtenis hier plaats en die gebeurtenis daar?”

Thema is wat mij betreft het kloppende hart en de ziel van een verhaal. “Waar gaat dit verhaal over?” wordt beantwoord met het thema.

 

Een thema kan vaak met een woord of een korte zin weergegeven worden: “haat”, “liefde”, “onderdrukking”,  “de haat voor onderdrukking”.

Die thema’s kunnen gebruikt worden als drijfveer / motivatie voor de personages. “Zij haat onderdrukking”, “ze veracht mensen die vrij zijn”, maar ook als kapstok worden gebruikt voor het verhaal als geheel. “Het centrale thema van dit boek is ‘vrijheid’ en ‘alles overhebben voor die vrijheid’.”

Een verhaal heeft vaak meerdere thema’s, die een bepaalde samenhang hebben en in het meest ideale geval met elkaar in botsing kunnen komen.

Actie komt voort uit handelen. Als een personage niet handelt, is er geen actie.

Actie kan een reactie zijn. Bijvoorbeeld:

  1. Op een gebeurtenis in de omgeving, van wind en regen tot zon en een lawine
  2. Op een actie van een ander personage
  3. Op een gedachte

Actie kan ingehouden worden. Een personage wil wel iets doen, maar bedenkt zich, of onderdrukt die handeling.

Actie kan worden uitgevoerd. Een personage wil iets doen en doet dat ook.

Actie kan bewust zijn, maar ook onbewust en gedreven door een impuls. Onbewuste actie is een actie waarvan het personage zelf niet door heeft dat hij of zij het doet. Bijvoorbeeld omdat hij of zij diep in gedachten verzonken is, of is afgeleid. Impulsieve acties zijn acties waar het personage niet over nagedacht heeft. Bijvoorbeeld uit woede.

3: Verhaal = thema + motivatie + conflict

verhaal motivatie thema

Thema is al in het vorige stuk behandeld. Kort: een thema kan in een enkele trefwoord of een korte zin worden samengevat. Dat thema is meestal een basaal concept als “woede”, “liefde” en “tederheid”.

Motivatie is datgene wat een personage drijft. Het “waarom?” van het karakter. “X” doet iets. Maar waarom?

Personages zonder interne motivatie zijn als lege poppen die door de schrijver worden rondgeduwd.

Personages die schijnbaar geen interne motivatie hebben, zijn voor de lezer als lege poppen die door de schrijver worden rondgeduwd. Het is voor de schrijver dus essentieel om iets te laten zien van wat de interne motivaties die die personages voortbeweegt.

Interne motivatie is gekoppeld aan wil. Je personages willen iets. Daar kan een reden voor zijn. Die reden kan heel generiek zijn en al duizenden keren door duizenden andere schrijvers zijn gebruikt. Die reden kan ook heel specifiek en persoonlijk zijn.

Een belangrijk deel van het verhaal wordt vaak besteed aan de expositie van die motivatie. Met andere woorden: “Hoe kun je laten zien wat dat personage wil, waarom dat belangrijk is, en hoe belangrijk dat voor die persoon is?”

Conflict is elke vorm van (mogelijke) wrijving en botsing en confrontatie. Dat kan zijn:

  1. Een meningsverschil
  2. Een gevecht
  3. Een daad van verzet
  4. Een handeling die tegen de afspraken met- of verwachtingen van andere personages ingaat
  5. Een obstakel waar het personage doorheen of langs of overheen moet zien te komen. In dit geval botst het personage met de omgeving.

Conflict wordt in de meeste gevallen gebruikt voor de expositie van de motieven van de personages. “Wat wil dit personage? Waarom is dat belangrijk? Hoeveel heeft dat personage over om dat doel te bereiken?”

Conflict wordt vaak gebruikt om de groei of verandering van een personage te tonen. “Hoe reageerde hij of zij eerst in deze conflictsituatie? Hoe reageert hij of zij nu?”

Een verhaal zonder conflict kan gemakkelijk saai worden.

4: Verhaal = Expositie + expansie + contractie + conclusie

verhaal_expansiecontractie

Expositie is het stuk in een verhaal waarin je iets laat zien. Waarin je een nieuw aspect introduceert van bijvoorbeeld een personage, een situatie of het plot.

Expansie is het stuk in een verhaal, waarin datgene wat getoond is in de expositie, verder wordt uitgewerkt. “Jan was een edelsmid” (expositie) krijgt hierdoor substantie. “Elke dag om zes uur ‘s ochtends stak hij het vuur aan” (expansie).

Contractie is het deel waarin we toewerken naar de kern. “Wat is belangrijk van dit alles? Waar ligt de focus? Wat moet de lezer gaan bijblijven?”

Meestal volgt die contractie na een omslagpunt. Bijvoorbeeld omdat het personage zich iets realiseert, of gedwongen wordt om een andere koers te volgen.

Conclusie is het deel in het verhaal (en met die specifieke lijn) waarin we die kern ook daadwerkelijk bereiken. “Dit is waarom het allemaal draaide”.

Het proces van expositie, expansie, contractie en conclusie kan op meerdere manieren worden toegepast:

  1. In (en voor) meerdere lijnen in het verhaal
  2. Verspreid door (en over) het hele verhaal heen
  3. Strikt, waarin het begin, midden en einde exact altijd dezelfde lijn volgt
  4. Vrij, waarin de volgorde van expositie, expansie, contractie en conclusie gebroken wordt en een verhaal bijvoorbeeld begint met expansie en contractie, voordat de expositie wordt gegeven.

Een verhaal hoeft niet noodzakelijk deze opzet te volgen. Een verhaal kan zich bijvoorbeeld oneindig blijven uitbreiden. Een verhaal kan verschillende exposities na elkaar krijgen, waardoor de expansie een soort explosie na explosie na explosie-effect krijgt.

Verhalen die strikt de volgorde van expositie, expansie, contractie en conclusie volgen zijn vaak veiliger dan verhalen die daarin een bepaalde vrijheid hanteren. De strikte vorm vereist minder investering van de lezer, omdat vanaf het begin duidelijk is (door de expositie) waar dat stuk over gaat. Deze verhalen kunnen op een gegeven moment ook vervelend en saai worden voor de lezer. Bijvoorbeeld door een overdaad aan dat soort verhalen en doordat ze voorspelbaar worden.

 

 

 

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s