Interview met Mima, uit “Luchteilanden”

Ik ben bezig met een andere aanpak in mijn schrijven. Eentje waarin ik meer aandacht besteed aan de drijfveren van mijn karakters.

Dit is de eerste. Een vergelijkbaar “interview” met Zafira volgt direct hierop: later vanavond.

Wie ben je?

Mijn naam is Mima. Ik ben 1,65 meter lang. Slank. Donkere huid. Ik ben heel goed in staat om een bepaalde schijn op te wekken. Ik ben een geboren actrice. Beter dan mijn moeder en mijn broers en zussen. Ik ben geboren als jongetje, maar heb op mijn 20e een sekse-verandering ondergaan. Ik ben nu een vrouw. Ik woon op Eiland 32.

Mijn voorouders komen uit Khartoum in Noord Afrika. Op Eiland 32 heeft de familie een naam opgebouwd als een van de drie promintente huizen die bomen ontwerpen die van hoge kwaliteit zijn. Dit zijn zowel sierbomen als vruchtbomen.

Ik ben geboren uit een draagmoeder in Boaz, een stad op het Eiland. Ik ben direct naar een creche gegaan waar ik Jade leerde kende. Mijn beste vriend/vriendin ever.

Ik ben een practical joker. Ik kan dagen en weken van tevoren een grap verzinnen die uit verschillende onderdelen bestaat en uiteindelijk samenkomt tot 1 ding. Ik haal er genoegen uit om mensen een hak te zetten met dingen die duidelijk zichtbaar zijn, maar pas bijeen komen als het te laat is.

Ik ben, ondanks mijn eigen zwakheden, een doorzetter. Ik ben een optimist. Diep in mijn hart geloof ik dat dingen goed gaan komen. Ik heb mezelf geleerd dat weer op te pakken en naar het moment te kijken, daar van te genieten als dat kan. Ik kan genieten van mijn werk. Ik kan genieten van de momenten dat ik alleen ben, of met anderen.

Ik ben een dichter. Een maker. Een gen-architect van bomen. Ik ben verweten onconventioneel te zijn, wat in de ogen van velen op het eiland een slecht ding is. Ik ben een slechte dichter. Ik ben wel weer heel goed in wat ik doe als ik nieuwe bomen ontwerp. Deels door de voortgang in de ontwerpen van mijn genetische materiaal, deels door mijn eigen talent. Noam heeft verder een uitzonderlijk belangrijke rol gespeeld in die ontwikkeling. Noam is vele malen beter als architect dan ik. Zeker als het gaat om details en de meer klassieke ontwerpen.

Ooit was ik suïcidaal, maar dat weet allen Jade. Zelfs Noam heb ik daar nooit over verteld.

Ik ben de opvolger van Zafira, mijn moeder. Het bedrijf gaat over een paar maanden over in mijn handen, omdat mijn broer en zussen niet capabel genoeg zijn. En omdat Noam niet uit onze familielijn komt.

Ik voel me af en toe zo gefrustreerd dat dat er in vrij excessieve manieren uit moet komen. Ik schuw bijvoorbeeld het gevecht niet. De uitdaging, de confrontatie met anderen. En soms ga ik bewust een gevecht in en naar plekken waar mensen komen die opgefokt zijn, gefrustreerd zoals ikzelf, in staat tot geweld. Het is mijn manier om mezelf te ontladen. Het is meerdere malen voorgekomen dat ik in gevechten in Boaz en andere plekken op Eiland 32 ben neergestoken en neergeslagen. Maar nog nooit zoals in Venetië. Het spel dat daar regelmatig ’s Nachts gespeeld wordt, ligt boven mijn macht.

 

Wat wil je?

Ik wil vrij zijn. Ik wil mijn eigen kind krijgen. Ik wil ontsnappen van het luchteiland. Ik wil groeien als persoon. Ik wil dat Noam het bedrijf overneemt, zoals ze verdient. Maar ik wil vooral vrij zijn.

Ik wil ontsnappen omdat de “perfecte samenleving” van Eiland 32 niet mijn samenleving is. Veel mensen kunnen daar prima leven en zijn blij met de vorm en de mogelijkheden die het hen geeft. En Cheryl doet prima werk in het behouden van de balans. Maar voor mij is Eiland 32 een gevangenis. Ondraaglijk. Het is ontsnappen of zelfmoord. En dat laatste zie ik niet zitten. Ik geef niet op. Ik wil leven. De Aarde is mijn bestemming. En Istanbul de stad waar ik heen wil.

Die vrijheid bestaat uit niets. Het niet hoeven, het niet moeten. Het kunnen laten vallen van dignen die ik altijd als mijn plicht heb gezien. Ik wil mijn eigen weg daarin vinden. Ik wil weet goed genoeg wat discipline is. Ik weet niet hoe het is om geen doel en geen bestemming te hebben en dat wil ik leren. Ik denk dat dat de enige weg is om dichter tot mezelf te komen.

Ik weet pas sinds mijn twintigste, dankzij een gesprek met een meisje in New York, ongeveer wat ik echt wil. Waarom ik altijd met mezelf in de knoop zat. Het antwoord dat ik vond was niet leuk, omdat het tegen alles inging dat mijn moeder en mijn familie belangrijk vind.

Ze stelde twee hele simpele vragen die ik nooit geleerd heb mezelf te stellen. En ze stelde die op een dusdanige manier dat ze mijn leven totaal overhoop hebben gegooid. Die twee vragen waren: “Wat wil je?” en: “Hoe ga je dat bereiken?”

 

Waarom lukt dat niet?

Ik heb nog nooit geleerd om voor mezelf te kiezen. Alles is voor het Huis en voor de toekomst van dat Huis.Mijn moeder houdt me tegen. Mijn cultuur houdt me tegen. Mijn plicht trekt constant aan me. Ik heb nooit tijd voor mezelf. Mijn werk gaat altijd voor. Altijd! De concurrentie is hoog en elk moment dat ik verzwak geeft een van de concurrerende Huizen een voorsprong. Als ik vrij ben, ben ik vaak nog steeds bezig met mijn werk. Of met andere plichten, zoals het Millenniumbal. En alles moet perfect. Anders stel ik mijn moeder teleur en werp ik een smet op het Huis.

Ik wordt geacht mijn plicht voor mijn eigenbelang te plaatsen. Ik heb geleerd dat mijn eigen verlangens niet zo belangrijk zijn. Ik vind het daarom moeilijk om voor mezelf te kiezen. Ik heb daardoor tot mijn twintigste nooit begrepen waarom ik de dingen deed die ik deed: de kleine vormen van verzet en sabotage. De haat en de weerzin tegen mijn moeder.

 

Wie zijn de belangrijkste mensen in je leven?

Er zijn veel mensen, maar de belangrijkste zijn Jade, Noam, de moeder van Jade, Cheryl, mijn zussen: Leander en Kobalt, mijn moeder, Zafira toch ook.

Jade omdat hij vanaf het allereerste begin mijn beste vriend is geweest. Ik ken hem al vanaf het allereerste bgin dat ik me kan herinneren. We trokken altijd met elkaar op in de crèche. We hebben elkaar daarna nooit meer losgelaten.

Ik ga heel verdrietig zijn dat ik hem achter moet laten.

Noam is altijd in mijn leven geweest, vanaf het moment dat ik vier werd en uit de crèche kwam. Hij heeft me alles geleerd, van architectuur tot de normen en waarden die ik zelfs nu nog gebruik. Hij heeft me geleerd wat het is om lief te hebben, door wat hij in zijn relatie met Zafira liet zien en de wijze waarop hij met anderen omging.

Mijn zussen zijn verschrikkelijke mensen en ze hebben alles wat ik niet kon krijgen, inclusief de vrijheid om te doen wat ze wilden. In hun leven was altijd wel druk, maar nooit de druk die ik heb ervaren. Hun ontwerpen zijn saai en nooit verder gekomen dan de proeftuinen. Kobalt zorgt voor de financiën van het Huis. Leander voor de juridische zaken. Taken die ze goed aankunnen, en die heel belangrijk zijn, maar het huis geen nieuwe klanten gaan brengen.

Ik heb altijd een zekere vijandschap gevoeld tegen Zafira. Ze is mijn biologische moeder. Mijn genen komen voort uit haar genen. We zijn van dezelfde lijn. Maar ze was er nooit voor me. Ze was altijd ergens anders. Mijn problemen waren nooit haar problemen. Waar ze warm en hartelijk is naar Leander en Kobalt, is ze koud en afstandelijk naar mij. Ik denk dat ze me wellicht twee of drie keer waarderen heeft aangeraakt. Maar ze heeft me nog nooit geknuffeld. Ik weet niet hoe het is om liefde te ontvangen van je eigen moeder.

Ik heb geluk gehad met de familie van Jade. Zijn moeder (toen haar moeder) had dat wel. Die liefde en die warmte. Elk moment dat ik bij Jade en zijn moeder kon zijn, was ik daar. Dat duurde tot ik 12 was en de verplichtingen van het Huis zo groot werden dat er geen tijd meer was voor iets anders.

Ik denk achteraf dat dat ook de aanzet is geweest voor mijn toenemende somberheid en mijn uiteindelijke zelfmoordverlangens vanaf mijn veertiende.

Ik haat Zafira. Maar ik weet inmiddels ook dat Zafira niet handelde uit haat. Ik weet zelfs dat ze ook voor mij liefde voelt. Ik weet niet waarom ze dat niet laat zien. Noam weigert daarover te praten, of daar iets over los te laten. Zafira wend zich simpelweg af, of verandert het onderwerp. Ik haar haar en ik minacht haar.

Ik weet dat dit kwetsend is voor Noam. Maar ik weet ook dat Noam dat begrijpt.

 

Waar kom je vandaan en wat kenmerkt je daarin?

Ik kom uit het Huis van Suliman. Ik kom uit de schoot van een draagmoeder. Ik kom uit de vrouwelijke lijn van Suliman en uit de ontwerpstudios van Eiland 19 waar Eiland 32 nauwe contacten mee heeft en die de correcties hebben aangebracht op het genetische materiaal in de eitjes van mijn moeder.

Ik kom uit een familielijn aan de bodem van de bovenklasse van Eiland 32. Dit betekent dat we nooit tot de bovenste regionen zullen behoren, maar ook niet tot de lagere klassen.

Dit betekent dat mijn moeder, met enige beperkingen, exact kon bepalen wat mijn belangrijkste kenmerken zouden zijn. Dit betekent ook dat een deel van de eigenschappen die ik vanuit mijn genetische opmaak heb meegekregen niet onder haar invloed stonden. Dit heeft deels met geld te maken en deels met connecties. Dit is ook hoe ons eigen Huis te werk gaat.

De klant bestelt, maar wij bepalen. Dat doen we zo goed als we kunnen, maar altijd volgens onze eigen standaarden. De realiteit is complex en alles is mogelijk, maar niet alles is wenselijk. Mijn interne opmaak is nog steeds op basis van menselijke eigenschappen. Ik ben nog steeds kwetsbaar voor invloeden van buitenaf. Ik zit nog steeds vol twijfel.

Ik kom uit een rare familie, waarin ik het buitenbeentje was en diegene die expliciet verwekt is om het bedrijf over te nemen, omdat mijn zussen het talent niet hebben en Noam een buitenstaander.

Ik heb een zeer goed geheugen. Ik ben in staat om complexe structuren te verzinnen en te onthouden. Ik denk in patronen. Ik ben daardoor minder rechtlijnig dan Zafira.

Door alle veranderingen in de afgelopen 1000 jaar, zijn mijn eigen eieren niet meer compatible met de mensen die op Aarde leven. Ik ben steriel voor het leven beneden. Omgekeerd, als ik weer het mannelijk geslacht zou aannemen, zou mijn zaad niet samengaan met het leven beneden.

Mijn kind is dan ook van een man van hier, van Eiland 32.

Ik ben opgeleid door Noam en door de eindeloze simulaties in het Huis, waardoor ik alles geleerd heb wat ik weet. Ik heb verder onderzoek gedaan naar de wereld beneden, op Aarde. De geschiedenis, de verschillende culturen, zodat ik beter begrijp met wie ik te maken heb en welke uitgangspunten deze mensen waarschijnlijk gebruiken als we in onderhandeling zijn. Hierdoor weet ik waar onze familie vandaan komt en welke rol ze beneden speelden. Ik weet welke alternatieven er mogelijk zijn en dat de arrogantie van mijn moeder, met betrekking tot de mensen beneden, ongegrond is. We zijn niet beter of slechter dan de andere soorten. We zijn nog steeds mensen.

Ik weet ook dat het Eiland, en de samenleving die hier ontstaan is, niet het enige antwoord is en niet het beste antwoord. En dat er zoveel fout zit dat dit doet denken aan schizofrenie. Mijn samenleving is ziek. Het leidt aan waanvoorstellingen. Het praat dingen goed die zeer schadelijk zijn voor mensen zoals ik.

Dat is een van de redenen dat ik weg wil. Een van de redenen waarom ik me nooit prettig heb gevoeld. Ik geloof niet in de leugens die we geacht worden te geloven en de levens die we geacht worden te leven. Ik zie teveel, ben te gevoelig en ben niet in staat om mezelf te overtuigen van dingen die logischerwijze geen enkele samenhang of redelijkheid hebben.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s