Mijn schrijven: hoe het allemaal begon en waar ik nu sta. Deel 1

Wat deed ik om beter te worden en voeten aan de grond te krijgen?

[Edit: ik heb waatschijnlijk een paar jaartallen mis. De foutmarge is ongeveer plus of min 1 jaar. Dit stuk komt uit mijn geheugen 🙂 ]

Ik heb de oorspronkelijke tekst van deze blogpost uit elkaar getrokken. De details worden in deel 2 verder beschreven. Dit is de samenvatting en conclusie.

In het kort: Ik werkte samen. Ik stuurde mijn werk naar tijdschriften. Ik vroeg om- en verwerkte feedback van mede-schrijvers. Ik benaderde ervaren schrijvers voor hun mening over mijn werk.

Ik zocht naar informatie over het schrijven, boeken over de technische fundamenten: wat is een plot? Wat zijn spanningsbogen? Hoe schrijf je geloofwaardige karakters? Ik zocht informatie over de mogelijke succesfactoren die relevant waren voor de schrijvers die ik bewonderde. Ik schreef over mijn eigen schrijven, in dagboekvorm en later in blogpost-vorm, zodat ik beter ging begrijpen wat ik aan het proberen was, als samenvattingen van wat ik in die periode geleerd of ontdekt had.

Ik probeerde daar waar gaten waren die mijn eigen ontwikkeling in de weg stonden (weinig aandacht- en weinig faciliteiten voor schrijvers van de Lage Landen bijvoorbeeld) zelf die oplossingen te maken. Door het vormen van een schrijfgroep met Jaap Boekestein en Paul van Leeuwenkamp eind 1989, bijvoorbeeld en door het werk en het idee van Jos Weijmer door te zetten met Ator Mondis, mijn eigen blad voor korte verhalen.

Ik vroeg daarin niet om toestemming aan anderen. Ik deed wat ik dacht dat nodig was.

Ik bekritiseerde de status quo die op dat moment in mijn optiek aanwezig was (in artikelen in mijn eigen blad: Ator Mondis, zie hier voor meer info) en ik nam actie. Ik ging er nooit van uit dat (als ik maar hard genoeg riep en jammerde en anderen afzeek) iemand anders op een gegeven moment wel mijn probleem ging oplossen.

Ik leerde om los te laten.

Mijn eigen geworstel bijvoorbeeld: met een plot, een doel en doelstelling van mijn hoofdpersoon. “Wat wil hij of zij eigenlijk?” werd minder relevant naarmate ik dat meer en meer vrij kon laten.

Ik leerde dingen om te draaien.

Technieken, kennis, werden hulpmiddelen waarmee ik achteraf, met de feedback van anderen naar mijn eigen verhalen kon kijken en kon zeggen: “Oja! Inderdaad mist daar dit en dat. En als ik het zo en zo op los, kan dat en dat het resultaat zijn.”

Ik leerde beter te luisteren.

De feedback die ik kreeg voelde daardoor steeds minder als een aanval op mijn werk en steeds meer als aanwijzingen naar onderdelen in mijn verhalen die simpelweg meer aandacht nodig hadden, naar doelstellingen die ik mezelf als schrijver had gesteld en die blijkbaar nog niet helemaal behaald waren.

Mijn werk als programmeur (en de eindeloze keren waarop je dezelfde code opnieuw blijft bezoeken om het nog beter te maken) maakte het verder steeds makkelijker om hetzelfde manuscript, hetzelfde verhaal keer op keer door te werken. Schrijven was leuk, maar ik haatte de redactie. Ik gruwde van het herlezen van mijn eigen werk. Niet alleen om wat ik mogelijk tegen zou komen, maar omdat ik het verhaal al een keer was doorgegaan.

Ik merkte dat het steeds makkelijker werd om 3 redactierondes te doen, 5 redactierondes te doen, 10 redactierondes te doen zonder mezelf aan het einde wanhopig en uitgewrongen te voelen. Ik leerde redactie te doen op specifieke focuspunten. Eerst structuur. Dan samenhang. Dan flow, bijvoorbeeld. Dan weer terug naar structuur en propositie als ik feedback kreeg op die eerste versies.

Ik gebruikte een andere bril. Inplaats van feedback te zien als: “de lezer vond dat kut, dus moet het anders” las ik het met de vragen: “Wat wil- en wilde ik met mijn verhaal? Wat is daar van niet gelukt als ik naar deze feedback kijk? Wat kan ik doen om dat te repareren?” Elk gericht om het verhaal scherper te krijgen, de propositie helderder, de karakters voller.

 

En waar sta ik nu?

Er zijn een paar dingen die ik ontweken heb in de afgelopen 3 jaar. Een daarvan is het volledig uitwerken van mijn karakters. Wat willen ze? Waar dromen ze van? Wat is er wel gelukt in hun levens? Wat niet? Waar staan ze op de sociale ladder? Hoe is dat? Hoe was dat? Wat is de impact daarvan? En zo voorts, en zo voorts.

Dat gebrek maakt dat mijn verhalen blijven zweven. Zonder duidelijke doelstellingen van mijn karakters, doe ik als schrijver ook maar een beetje wat met dat verhaal.

Ik heb dit jaar dan ook besloten de reset-knop in te drukken en weer vanaf het begin te beginnen. Zorgvuldig dingen uitwerken voordat ik ga schrijven. Terug naar de dingen waar ik als schrijver aanzienlijk bewuster mee bezig was in 1992.

Ik wil weer schrijfopdrachten doen in schrijfgroepjes. Ik ga verder met onderlinge kritiek, het vragen om feedback. Ik wil mijn korte Engelstalige werk herzien: de zwakke plekken repareren. Ik wil een of twee Engelstalige redacteurs vinden om mijn kromme zinnen recht te trekken, zodat ik kans ga maken op publicatie in het Engelstalige gebied. Ik wil mijn Nederlandse verhalen vertaald hebben zodat onder ander mijn vrouw ze eindelijk kan lezen.

Ik wil weten waar we als geheel staan. Ik wil weten wat er mogelijk is. Ik wil nieuw talent ontdekken en stimuleren. Ik wil een groot publiek bereiken. Ik ben nog niet toe aan een uitgever. Ik wil eerst het korte werk beter beheersen, mijn eigen karakters scherper kunnen stellen voordat ik weer een roman ga schrijven.

Ik doe pogingen om ons speelveld in kaart te brengen (welke schrijvers zijn er? Welke uitgevers? Welke workshops? Welke illustratoren? Welke initiatieven? Welke schrijfgroepen? Wat wordt er geschreven? Hoe groot is ons publiek? Wat zijn de meest succesvolle publicaties? Hoe veel lezers zijn er in de lage landen? Hoe kunnen we nog meer lezers bereiken?) en te kijken naar volgende stappen (wat kunnen we combineren? Wie zouden er samen kunnen werken? Hoe kunnen we zo veel mogelijk lezers bereiken met wat we nu hebben en nu weten?)

Ik wil verbinden, combineren. Ik geloof in synergie, het geheel dat groter is dan de som der delen. Ik blijf een kritische eikel die tegen dingen aan blijft duwen als ik het gevoel heb dat die beter kunnen. En ook dit jaar zal mijn leven voornamelijk gedomineerd worden door mijn werk en ondernemingen die niet bestaan uit schrijven.

Maar die reset-knop dus.

*klik*

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s